Onze resultaten zijn vergelijkbaar met internationale wetenschappelijke studies, die aantonen dat ernstige blijvende zenuwproblemen na een pop block zeer uitzonderlijk zijn.
Bij plaatselijke verdoving wordt een deel van het lichaam tijdelijk verdoofd met een zenuwverdoving. Dit gebeurt vaak bij operaties aan de arm, schouder, voet of enkel. De verdoving gebeurt onder begeleiding van echografie, waarbij een lokaal verdovingsmiddel rond de zenuw wordt ingespoten. Hierdoor geeft de zenuw tijdelijk geen pijnprikkels meer door en voel je in dat gebied geen pijn.
In een klein aantal gevallen kunnen er na de ingreep tijdelijke klachten optreden, zoals tintelingen, een doof gevoel of krachtsverlies. Deze klachten verdwijnen meestal spontaan binnen enkele weken tot maanden.
In ons ziekenhuis volgen we deze klachten actief op. Uit onze cijfers over popliteale zenuwbloks ('pop block', plaatselijke verdoving gebruikt bij operaties aan de voet, enkel of het onderbeen) blijkt dat:
In 2022 8 van de 318 patiënten (2,5%) die een pop block kregen, tijdelijke klachten ontwikkelden. Bij 1 patiënt (0,32%) hielden de klachten langer aan.
In 2023 11 van de 269 patiënten (4,4%) tijdelijke klachten hadden na een pop block, opnieuw met 1 patiënt (0,37%) met langdurige klachten.
In 2024 tot nu toe 4 van de 170 patiënten (2,4%) met een pop block worden opgevolgd.
Bij andere types zenuwverdoving zijn klachten zeldzaam en zien we bijna altijd een volledig herstel binnen het jaar.
Onze resultaten zijn vergelijkbaar met internationale wetenschappelijke studies, die aantonen dat ernstige blijvende zenuwproblemen na een pop block zeer uitzonderlijk zijn (minder dan 1%). Om de veiligheid nog verder te verhogen, gebruiken we een pop block alleen bij ingrepen waarbij dit echt nodig is en zetten we in op snelle en gerichte opvolging van deze patiëntenpopulatie.