Op de PAAZ-afdeling is Herman Verbeke een bekend gezicht. In maart 2021 ging de adjunct-hoofdverpleegkundige voor het eerst op pensioen. En jawel, op vrijdag 28 april trekt hij na een halfjaar inspringen als verpleegkundige opnieuw de deur achter zich dicht. “Nu ben ik écht weg. Voor altijd. Al wil ik af en toe zeker nog eens even binnenwippen.”
Bij zijn vorige afscheid kreeg Herman een heus plein naar hem vernoemd. Het pleintje langs de PAAZ-afdeling heet dus niet toevallig het Herman Verbekeplein. “Op mijn laatste dag pakten ze me plots mee naar buiten en riep iedereen: ‘verrassing!’. Het naambordje op het plein werd zelfs plechtig ingehuldigd door verpleegkundig en paramedisch directeur Henk Cuvelier”, herinnert Herman zich. Zo’n afscheidscadeau krijg je uiteraard niet zomaar.
Al van het prille begin heeft Herman Verbeke mee zijn stempel gedrukt op onze psychiatrische afdeling. In 2012 was hij bij de oprichters van de allereerste PAAZ-afdeling van het toenmalige AZ Nikolaas in Temse. “We noemden onszelf de big five”, blikt hij terug met een glimlach. “Samen met een vijftal collega’s startte ik al enkele weken voordat de afdeling officieel opende. Er waren op dat moment nog geen patiënten. Daarom liet de hoofdverpleegkundige ons samen infosessies volgen en gesprekken voeren over hoe de nieuwe psychiatrische afdeling eruit moest zien. Zo ontwikkelden we een blauwdruk voor een programma en een verblijf bij de PAAZ.” Die PAAZ-afdeling verhuisde in 2017 naar Sint-Niklaas, waar ze zich nog steeds bevindt.
Als je op pensioen was, waarom zou je dan terugkomen?
Herman: “Ik had al horen vliegen dat het team aan het leeglopen was toen ik eind oktober 2022 telefoon kreeg van onze clustermanager Lut van de Vijver. Zij vertelde me over het personeelstekort en de problemen bij de PAAZ. Ze vroeg me of ik ervoor openstond om hen een paar maanden te depanneren. Mijn hart zei meteen ‘ja’. Ik ben vrijwel meteen gestart… Ik denk de dag nadien al.”
Wauw, zo snel!
“Ze hebben mij toen inderdaad wel wat in snelheid gepakt.” (lacht) “Nadat ik met Lut akkoord ging om tachtig dagen in te springen, kreeg ik plots afdelingshoofd Tania Ruymbeek aan de lijn. Ik dacht eerst een kennismakingsgesprek in te plannen in het begin van de daaropvolgende week. Maar dat gesprek is er niet gekomen. De vrijdag en het weekend voordien was ik al aan het werk.”
Was het niet gek om hier na je pensioen plots terug te werken?
“Die eerste dag ben ik inderdaad met een klein hartje binnengewandeld, alsof ik een examen kwam afleggen. Maar ik was het al snel terug gewend. Het deed me deugd om terug te zijn.”
Is er in de tussentijd veel veranderd?
“Aan de werking is au fond niet veel veranderd. Al heb ik wel een aantal positieve veranderingen gemerkt. Zo is de aandacht voor suïcide verscherpt. Als patiënten zelfdodingsgedachten hebben of er een zelfdodingsrisico is dan wordt er in de risicoanalyse meteen rekening mee gehouden. Ook goed is dat patiënten met alcoholverslaving sneller huiswerk mee krijgen. Ze moeten bijvoorbeeld enkele vragen beantwoorden, zoals wat hen triggert om te drinken en hoe ze hun valkuilen kunnen omzeilen.
Een derde meerwaarde is de bedside briefing. De collega’s van de vroege ploeg briefen die van de late ploeg aan het bed van de patiënt. Zo kan de patiënt wederwoord bieden waar nodig en kunnen ze vragen stellen. Tot slot is de patiëntenbegeleiding veranderd. Vroeger had elke patiënt een individuele begeleider. Nu werken we met zoneverpleging, dus verschillende verpleegkundigen per patiëntengroep. Dat vind ik een betere formule.”
Zie je het zitten om alles en iedereen terug achter te laten?
“Toch wel. Mijn tijd om te gaan is gekomen. Ik ben ervan overtuigd dat ze nu wel verder kunnen zonder mij. Ik heb vertrouwen in de nieuwe generatie. Aan Tania voel ik bijvoorbeeld dat ze gebeten is om het goed te doen. Er komen ook steeds meer nieuwe collega’s bij. En ik moet zeggen… daar zitten echt toffe figuren tussen die ik direct zie groeien.”
Ga je nog wel weten wat doen na je vertrek?
“Dat denk ik wel. Onze dagen zijn altijd redelijk gevuld. Er wordt regelmatig beroep gedaan op ons als grootouders. Ik heb acht kleinkinderen. Daar breng ik graag nog wat meer tijd mee door.”
Heb je nog laatste woorden voor je collega’s?
“Vroeger was de slogan van AZ Nikolaas ‘Top zorg, warm hart’. Ik vind het jammer dat het warme hart nu niet meer wordt benadrukt, want dat zit hier nog altijd. En dat gaat ook niet verdwijnen. Ik hoop dat ik het door mijn manier van werken mee heb uitgedragen. Ik vind het wel belangrijk om er af en toe eens een kwinkslag en wat humor in te brengen.”
Bedankt voor alles en geniet van de extra tijd met je kleinkinderen!
Misschien word jij op een dag wel de volgende ‘Herman van de PAAZ’. Interesse om ons PAAZ-team te vervoegen? Bekijk de vacatures en solliciteer.