In de rubriek ‘Vroeger & nu’ bladeren we door onze rijke geschiedenis. Deze keer blikken we terug naar Spoed in de jaren ’90. Toen reden ambulanciers Werner, Karel, William, Denis, Jo, Bart en Raymond mee met de ziekenwagen. Zij verzorgden de ritten vanuit het toenmalige Maria Middelares-ziekenhuis, vandaag campus Moerland. Voor het eerst in bijna 30 jaar zien ze elkaar terug.
Het team werkte in de jaren ‘90 voor het Rode Kruis. Dat nam toen de ambulanceritten van de 100, later 105, en de secundaire ritten vanuit Maria Middelares op zich. “Het contract tussen het Rode Kruis en Maria Middelares was al getekend, maar wij waren eigenlijk nog in opleiding”, herinnert Bart zich. “Wij zijn er toen wel echt in gesmeten.”
Het team bestond uit drie vaste medewerkers en een vijftal vrijwilligers, waaronder gewetensbezwaarden. “Dat waren Denis en ik. Wij wilden iets nuttigers doen dan de dienstplicht. In die tijd kon je dan kiezen voor gewetensbezwaren, op voorwaarde dat je het vier maanden langer deed. Op de lijst met vacatures stond onder andere het Rode Kruis.”
MUG met assistenten
“In onze tijd was de verpleegkundige zowel de chauffeur van de MUG als de begeleider van de ziekenwagen. Als ambulanciers reden we dus telkens samen met een verpleegkundige. Eigenlijk waren wij een PIT avant la lettre”, vertelt Werner. De bemanning van een PIT, of paramedisch interventieteam, bestaat immers ook uit een ambulancier en een spoedverpleegkundige.
“Als de verpleegkundige al weg was, kon één van de twee voertuigen niet rijden. Daarom mochten wij soms meerijden met de MUG”, zegt hij. “Er was toen maar één arts op Spoed en die bleef daar”, herinnert Denis zich. “De dokters die meereden met de MUG waren assistent-artsen, vierde- of vijfdejaarsstudenten.”
Curverboxen
Tussen de ritjes door hielp het team mee op Spoed. Die taak is vandaag weggelegd voor de zorgkundigen die er enkele jaren geleden startten. “Dat we konden meedraaien op Spoed, deed mij veel plezier. Ik heb er veel geleerd”, zegt Raymond. “We mochten onder andere infusen prepareren en medicatie optrekken uit een ampul. Doordat we konden oefenen op Spoed wisten we op het terrein al goed hoe het moest.” De kennis die Raymond destijds opdeed, gebruikt hij nog altijd als ambulancier bij de brandweer.
Jullie hebben begin jaren ‘90 leuke groepsfoto's genomen, onder andere met een Ford Sierra. Vertel daar eens wat meer over?
Werner: “Als ik het me goed herinner, was de Delta 5 de allereerste MUG die we bij Maria Middelares in dienst hebben genomen. In het begin zijn we gestart met plastieken curverboxen op de achterbank. Daar zat het medisch materiaal in. In vergelijking met de andere wagens van toen, was die MUG geavanceerd. Maar in vergelijking met die van nu is dat gewoon een oude auto.”
William: “Als je die curverboxen liet vallen, waren ze kapot. Dan kon je al het materiaal oprapen, in je armen meepakken en bij de mensen thuis op tafel zetten.”
Denis: “Al vrij snel werden de curverboxen vervangen door ingebouwde metalen koffers. Volgens mij wogen ze zo’n 20 kilo per stuk. We hadden ook een monitor mee, een grote bak. Die woog nog meer. In die tijd was het dus trekken en sleuren.”
Kartonnen spalken
De meesten van jullie hebben ondertussen een hele weg afgelegd in de zorg. Wat zijn volgens jullie de grootste verschillen bij Spoed vroeger en nu?
Denis: “Vroeger waren de ziekenwagendiensten kleinschaliger. Ze waren lokaal versnipperd en er waren grote verschillen tussen de ambulancediensten. Rijkere gemeentes hadden ziekenwagens om ‘u’ tegen te zeggen. Sommige gemeentes liepen jaren achter. In de kleinste gemeentes kwam de ambulance maar een tiental keer per week buiten. In Sint-Niklaas hadden we er in die tijd al veel ervaring mee.”
Bart: “Vandaag is het over het algemeen professioneler. Zowel de werking van Spoed als de voertuigen.”
Werner: “Qua materiaal is het een hele evolutie geweest. Ik heb bijvoorbeeld nog de kartonnen spalken gebruikt. Een gebroken voet legden we in een kartonnen mal, die we omwikkelden met een windel.”
Kwaliteit enorm gestegen
Denis: “Daarna kwamen de opblaasbare spalken en degene die we vacuüm konden trekken. In sommige gevallen deden ze meer slecht dan goed. In die tijd lag de focus op mensen zo snel mogelijk naar Spoed te brengen zodat we ze daar konden gipsen. De periode nadien verschoof de focus naar medische hulp verlenen op het terrein. Ik heb het gevoel dat we vandaag een mooie balans hebben gevonden tussen die twee uitersten.”
Raymond: “Zeker sinds 2000 heb ik de kwaliteit van de zorg enorm zien stijgen. Vroeger werkten we volgens de ABC-methode om te bepalen wat we eerst moesten doen. Vandaag gebruiken we die nog steeds, maar nu gaat het al van A tot de I van immobilisatie.”
William: “De regelgeving is ook sterk veranderd.”
Denis: “Vroeger reden we op de terugweg met een lege MUG mee om de ambulance te begeleiden. Zo konden wij de kruispunten vrijhouden. Daar gingen we dan dwars op staan. Bijvoorbeeld de Parklaan hebben we dikwijls vrijgehouden door erop te gaan staan en alles te blokkeren. Dat mag nu allemaal niet meer.”
Onbeschrijfelijk
Jullie vertellen met een enorme passie. Mogen we daaruit afleiden dat jullie het enorm graag hebben gedaan?
Jo: “Het was hier geweldig. We hadden een fantastisch team. We waren een geoliede machine. We konden blind op elkaar vertrouwen en wisten wat we van elkaar konden verwachten. Dat was heel bijzonder. Als onze shift erop zat, bleven we vaak nog hangen tot diep in de nacht. Vaak zaten we nog spelletjes te spelen. Hoeveel uren hebben wij hier wel niet gezeten?”
Bart: “Mijn ouders zijn me ooit zelfs eten komen brengen. Toen was ik hier onverwachts twee dagen aan één stuk door aan het werken.”
Raymond: “We pakten vroeger vaak op ons werk een dag verlof om hier te komen helpen. De sfeer, de samenhorigheid en het grenzeloze vertrouwen dat we in elkaar hadden… dat is echt onbeschrijfelijk.”
Denis: “Raymond was zodanig gepassioneerd dat hij zich ooit ziek heeft gemeld op zijn werk om met de ziekenwagen te kunnen rijden. Waarschijnlijk hadden we die dag iemand te weinig. Op een gegeven moment gaat zijn pieper af. En naar waar moet hij? … Naar zijn werk.” (Hilariteit alom)
Raymond: “En wat hoor ik mijn baas daar zeggen? ‘Ah, die ene zijn tweelingbroer werkt hier ook.’” (Hilariteit alom) Dat is nog goed afgelopen. Ik ben ermee weggekomen.”
Zin om mee geschiedenis te schrijven bij Spoed? Bekijk de vacatures. Of is vrijwilligerswerk meer jouw ding? Verschillende van onze fantastische teams zoeken nog helpende handen. Lees meer.
Groepsfoto's v.l.n.r.: Werner, William, Denis, Jo, Bart en Raymond.
Op de foto van vroeger staat achter Werner ook Karel, die nu helaas niet aanwezig kon zijn.
Toen waren ze 20-37 jaar oud, nu 53 tot 70 jaar.
Lees meer:
- Vroeger & nu: archiefbeelden en verhalen gezocht
- Wat doet de cel Acute Zorg en Reanimatie op Spoed?
- PIT-verpleegkundigen: “Al leven gered voordat MUG ter plaatse was”
- Zorgkundigen op Spoed: “Zo dankbaar om hen bij ons te hebben”