Tot voor 3 jaar geleden werkte Cindy Misseghers als tandartsassistente in een groepspraktijk. Via CVO Groeipunt herschoolde ze tot logistiek assistent. Al tijdens haar stage verloor ze haar hart aan haar job bij de dienst Patiëntentransport. “Het is een actieve en sociale job, je hebt vrijheid en je komt echt overal.”
Nochtans heeft Cindy haar job als tandartsassistente ook 6 jaar lang met plezier gedaan. “Ik was op een punt gekomen waarop ik mij afvroeg of dit het nu was. Ik wou eens iets anders proberen en ik dacht het is nu of nooit. Ik heb altijd al graag in het ziekenhuis willen werken en logistiek werk willen doen. Ik dacht ik ga daar nu gewoon voor gaan. Mocht het niet lukken dan kan ik nog terug aan de slag als tandartsassistent. Ik ben blij dat ik die stap heb gezet. Ondanks dat ik het wel graag deed, is dit toch nog meer mijn ding.”
Goedgezind thuiskomen
Je bent van een tandartspraktijk naar een ziekenhuis gegaan. Wat zijn volgens jou de grootste verschillen?
Cindy: “In een tandartspraktijk werk je één op één met de tandarts, of in mijn geval met 6 tandartsen. De druk die ik daar voelde, heb ik nu veel minder. Dat voel ik onder andere als ik thuiskom. Zelfs mijn kinderen zeggen ’s avonds dat ik nu goedgezind ben. Nu ga ik ook met heel veel plezier werken.
De patiëntencontacten zijn totaal anders. De meesten gaan niet graag naar de tandarts. Veel mensen zijn bang. Sommigen hebben tandpijn, of bellen omdat ze tandpijn hebben. Ik was dan degene die moest zeggen dat ze niet meteen konden langskomen. Dat is voor niemand tof. Hier is dat helemaal anders. De mensen zijn blij om mij te zien. Ze zijn blij dat ze even uit hun kamer zijn en een babbeltje kunnen doen. Je moet geen slecht nieuws brengen. Integendeel, je kan ze helpen om te geraken waar ze moeten zijn. Dat zorgt voor een hele andere dynamiek.”
Bed of rolstoel
Vertel eens wat meer over jouw werk als logistiek assistente. Wat doe jij zoal?
“Wij brengen de patiënten van en naar hun consultaties, het Operatiekwartier of eender waar ze moeten zijn in onze campussen in Sint-Niklaas. Wij halen ze uit de kamer, met hun bed of met de rolstoel. Om patiënten in bed te transporteren gebruiken we een PTS, een beddentransportsysteem. Dat draagt het gewicht van het bed. Ik moet dus enkel sturen.
Als we patiënten meenemen, kijken we eerst naar het dossier. We nemen alles mee dat ze nodig hebben en controleren of we de juiste patiënt bij hebben. Wij brengen hen naar waar ze moeten zijn en melden hen daar aan. Dan wachten wij tot de volgende opdracht binnenkomt op onze smartphone. Soms is dat bijvoorbeeld de patiënt terugbrengen. Als ze terug op de kamer zijn dan kijken we na of alles in orde is, de patiënten comfortabel liggen en ze hun belletje bij hen hebben. Ik laat de verpleegkundigen meestal nog even weten dat de patiënt terug is en alles goed is verlopen. Dat is een kleine moeite hé.” (glimlacht)
"De meesten zijn vol lof over hoe goed
we kunnen rijden met de bedden."
15 tot 17 kilometer
Je hebt al een aantal mooie dingen verteld over jouw job. Waarom zou jij aanraden om bij jullie te komen werken?
“In het begin dacht ik dat het misschien saai zou worden, maar dat is het zeker niet. Ik heb veel afwisseling. Het is een actieve en sociale job, je hebt vrijheid en je komt echt overal. In deze job ben je veel in je eentje op pad. Ik wandel elke dag 15 tot 17 kilometer. Ik hoef dus ’s avonds niet meer te sporten. (lacht) Doordat je overal komt, leer je in het hele ziekenhuis collega’s kennen. Dat is een van de leukste kanten van de job. Soms voelt het niet meer aan als werken, maar als een tweede thuis.
Ik heb natuurlijk ook heel veel patiëntencontact. Veel mensen doen graag een babbeltje. Al zijn sommigen ook heel stil. Op den duur voel je heel goed aan of ze ervoor openstaan en leer je daarop inpikken.
Bij Patiëntentransport hebben we een heel tof team met verschillende nationaliteiten. Daardoor leer je andere culturen beter kennen, wat ik heel boeiend vind. Soms spreek ik met collega’s af na het werk om bijvoorbeeld iets te gaan drinken. Onze leidinggevenden, Guy en Cindy, zijn trouwens ook toppers.”
Dikke knuffel
Waarschijnlijk kan je met een babbeltje veel betekenen voor een patiënt.
“Soms wel, ja. Ik denk bijvoorbeeld aan een oudere vrouw die ik naar het Operatiekwartier heb gebracht. Ik zag dat ze allemaal foto’s aan het bekijken was. Op een gegeven moment moesten we even wachten op de verpleegkundige. Ik vroeg haar of de jongen op de foto’s haar kleinzoontje was. Ze begon plots te wenen. Ik zag dat ze er helemaal door zat. Blijkbaar was hij de week voordien gestorven. Ik werd er zelf ook emotioneel van. Ze kon bijna niet meer praten door haar tranen heen. Ik heb haar een knuffel gegeven. Ze zei: ‘Dank u, dat had ik nu echt nodig.’”
Je zou voor minder een krop in de keel krijgen. Als jullie zoveel patiëntencontact hebben, krijgen jullie allicht ook veel complimentjes?
“Ja, inderdaad. Wij krijgen heel veel complimentjes. ‘Je doet dat geweldig.’ ‘Chapeau voor uwe job.’ De meesten zijn vol lof over hoe goed we kunnen rijden met de bedden. Dat zijn meestal de mannen. Ik antwoord dan altijd: ‘Zeg nu nog eens dat een vrouw niet kan rijden hé.’” (lacht)
Het team van Cindy zoekt nog een logistiek assistent. Bekijk de vacature. Heb je nog niet het juiste certificaat? Dan is het project ‘Kandidaat logistiek assistent’ misschien iets voor jou.
Lees meer:
- Patiënt Jean-Marie: “Voor de mensen die bedden vervoeren, heb ik veel bewondering”
- Project ‘Kandidaat logistiek assistent’: combineer job met betaalde opleiding
- Claudia groeide door van schoonmaakster tot logistiek assistent en verpleegkundige
- Jobstudente Dannique: “Je beeld wordt breder als je meer op de werkvloer staat”