De meest gebruikte maat voor dialyse-efficiëntie is de Kt/V-waarde dat laat zien hoe goed de dialyse werkt. Dit is een gestandaardiseerde kwaliteitsindicator die rekening houdt met drie factoren:
hoe goed het dialysetoestel afvalstoffen verwijdert (K),
hoe lang de dialyse duurt (t),
Hoe groot de hoeveelheid vocht in uw lichaam is, het verdelingsvolume (V).
Deze waarde vertelt hoe goed de afvalstoffen uit het bloed zijn gefilterd tijdens de dialyse.
Volgens richtlijnen van Kidney Disease Improving Global Outcomes (KDIGO) en de European Renal Association (ERA), moet de dialyse bij de meeste mensen een Kt/V-waarde van minimaal1,2 per behandeling halen (als iemand drie keer per week dialyse krijgt). Ziekenhuizen kijken daarbij niet alleen naar één persoon, maar naar de hele groep patiënten. Het doel is dat minstens 80% van de dialysepatiënten deze minimale waarde van 1,2 haalt zodat voldoende afvalstoffen uit het bloed worden verwijderd.
Het streefdoel voor dialyse-efficiëntie blijft echter afhankelijk van de individuele patiënt. Het wordt afgestemd op zowel de klinische toestand als subjectieve factoren, zoals de tolerantie van de behandeling en het algemeen welbevinden. Zo wordt niet alleen gestreefd naar het behalen van referentiewaarden, maar vooral naar optimale, patiëntgerichte zorg.
Deze grafiek laat een evolutie zien van2009 t.e.m. 2019 van hoe goed de dialysebehandeling afvalstoffen uit het bloed verwijdert.
Doorheen de jaren is een duidelijke verbetering zichtbaar, waarbij het streefdoel dat minstens 80% van de patiënten de norm haalt, in de laatste jaren wordtbereikt (blauwe balken).
De oranje balken laten de mediaan zien, dat is de middelste waarde van alle patiënten. Deze ligt al jaren duidelijk boven de minimale norm van 1,2.
De kwaliteit van de dialyse is in de loop van de tijd verbeterd en is de laatste jaren stabiel.