Verpleegkundig consulent Respiratie en Inhalatie Tina Kokelenberg helpt patiënten met longziekten en allergieën om de juiste inhalatiemiddelen correct te gebruiken. Je ziet haar vooral op de afdeling Pneumologie. Al reikt haar expertise tot ver binnen én buiten ons ziekenhuis. “Binnen enkele maanden mag ik misschien een abstract verdedigen op een congres van de European Respiratory Society.”
Tina had al jaren als verpleegkundige op de afdeling Pneumologie gewerkt toen ze in 2022 de kans kreeg om zich te specialiseren. Die greep ze met beide handen. Sinds Tina eind 2022 is gestart als verpleegkundig consulent heeft ze al meer dan 500 patiënten gezien. 313 van hen hebben de aandoening COPD, beter bekend als chronische bronchitis. 140 kregen de diagnose astma.
“COPD en astma komen het meest voor”, zegt ze. “Al is het eigenlijk heel ruim. Ik zie alle pathologieën. Dat is niet overal zo. In sommige ziekenhuizen heb je COPD-verpleegkundigen en astmaverpleegkundigen. Hier combineer ik de twee. Ik begeleid patiënten die inhalatie- en/of zuurstoftherapie gebruiken, zowel low als high flow. Daarnaast maak ik deel uit van het tracheacanuleteam.” Dat doet er alles aan om onze patiënten met een tracheacanule de best mogelijke zorgen te geven.
"We werken op een hele positieve, coachende manier"
Krachtmeting
Hoe ziet een consultatie bij jou er concreet uit?
Tina: “Ik zie zowel patiënten op de afdelingen als mensen die ad hoc door de artsen worden doorverwezen. Eerst bereid ik de patiënt zijn dossier grondig voor. Vaak hebben ze immers niet alleen een longziekte, maar zijn er ook andere zaken die daar een invloed op hebben. Dat breng ik allemaal in kaart.
Daarna meet ik met een In-Check Dial (foto onder), een toestelletje, de patiënt zijn inspiratoire kracht. Dat is de kracht die hij gebruikt om de medicatie in zijn longen te inhaleren. Bij veel inhalatoren is die benodigde kracht anders, dus het is belangrijk om dat na te gaan. Zo kunnen we zien welk toestel het best past bij de patiënt.
Soms blijkt dat de patiënt het verkeerde toestel gebruikt voor de verneveling van antibiotica. Dat was ook het geval bij een patiënte die ondertussen al eentje had gekocht. Ik heb de juiste vernevelaar aangekocht en uitgeleend. Ze was heel dankbaar, en is dat nog altijd. Ze stuurt nog regelmatig berichtjes. Dat incident heeft ons trouwens het idee gegeven om een brochure te maken. Zo willen we dit voortaan vermijden.”
Coachend werken
“Het juiste toestel is belangrijk, maar ook de techniek. Veel van onze patiënten denken immers dat ze hun inhalator goed gebruiken … en dan blijkt dat toch niet helemaal het geval. We geven altijd uitleg op maat. Bijvoorbeeld bij patiënten met een taalbarrière gebruiken we pictogrammen. Aan mensen met een visueel geheugen tonen we een filmpje. Ze krijgen het ook allemaal op papier mee. We werken heel sterk met de intrinsieke motivatie van de patiënt. Als we de patiënt kunnen motiveren dan gaat het veel beter. Daarom werken we op een hele positieve, coachende manier.”
Merk je dat die aanpak het verschil maakt? Geef gerust een voorbeeld.
“We zien regelmatig patiënten die hun inhaler niet goed gebruiken, maar dat wel gaan doen doordat we hebben ingezet op die intrinsieke motivatie. Veel van onze patiënten gebruiken een dosisaerosol, een gewone puffer. Ze inhaleren dat rechtstreeks, maar zouden eigenlijk beter een voorzetkamer gebruiken.
Uit onderzoek weten we dat de depositie amper 10% is als je het rechtstreeks gebruikt. Met voorzetkamer wordt dat 40%. En toch gebruiken de patiënten het vaak niet. Daarom geven we hen informatie over de voorzetkamers en laten we de patiënt eentje kiezen. Als ze zelf keuzes kunnen maken dan zijn ze meer gemotiveerd om het bij hun apotheek aan te kopen en te gebruiken.”
Longactieplan
Jullie geven de patiënten een longactieplan mee. Waarom is dat belangrijk?
“Met een longactieplan stimuleren we zelfmanagement. Zo helpen we de patiënt om manager te zijn van zijn eigen lichaam. Als je een longziekte krijgt, is het belangrijk om je lichaam opnieuw te leren kennen. En dat blijf je best doen naarmate je veroudert. Je leert bijvoorbeeld wat er kan gebeuren als je je minder goed voelt. En vooral: wat kan je daaraan doen?
Wanneer de patiënten door onze educatie hun klachten erkennen en tijdig kunnen bespreken met de huisarts, kunnen we mogelijks een opname in het ziekenhuis voorkomen. We hebben liever dat ze thuis medicatie nemen dan dat ze die hier met een infuus moeten krijgen.”
Jullie houden ook tussentijds de vinger aan de pols, toch?
“Als patiënten naar huis gaan, is er inderdaad een opvolgingstraject. We nemen regelmatig contact op met de patiënten, de huisartsen en eventuele thuisverpleegkundigen om te vragen hoe het gaat. Ik volg mee de brieven van de artsen op. Als ik zie dat ze moeten opschalen of als het niet goed gaat, neem ik contact op. Dat zullen we in de toekomst, als mijn nieuwe collega is gestart, nog meer gaan doen.”
"Ik kom met heel veel mensen in contact,
veel meer dan vroeger"
Veel meer contacten
Jouw coachende rol is zo te horen niet alleen voor de patiënten weggelegd.
“Dat klopt, ja. In deze job moet je onder andere goed kunnen spreken voor een groep. Ook dan is het de kunst om niet belerend over te komen, maar in die coachende rol te staan. Daarbij kan een beetje humor zeker geen kwaad. (lacht) Ik begeleid masterstudenten, maar coach ook verpleegkundigen. Dat is heel fijn. Ze zijn dankbaar als je samen met hen kan nadenken over hoe we bijvoorbeeld goed en efficiënt inhalatietherapie kunnen geven.
Ik kom met heel veel mensen in contact, veel meer dan vroeger. Dat is heel leuk. Ik heb veel aanspreekpunten binnen onze afdeling, in het tracheacanuleteam en bij de polikliniek Longziekten. Uiteraard werk ik veel samen met de longartsen. Bij Cardiologie, Oncologie en Revalidatie kennen ze me ondertussen ook al. Als er beter materiaal, nieuwer apparatuur op de markt komt dan werk ik samen met de aankoopdienst om in kaart te brengen wat de meerwaarde is binnen ons ziekenhuis. En nu ga ik stoppen, anders noem ik het hele ziekenhuis op. (lacht) Tegelijk zou ik graag nog meer ziekenhuisbreed willen werken, dus wie interesse heeft mag zeker contact opnemen.”
Hoe ben jij zo’n expert in inhalatie geworden?
“Inhalatie is echt mijn passie. En dat moet het ook zijn om deze job goed te kunnen doen. Een opleiding over inhalatie an sich heb ik nog niet gevolgd, maar ik school me wel constant bij. Dat is belangrijk, want het verandert voortdurend. Ik volg enorm veel webinars en ik lees regelmatig ’s avonds thuis nog artikels. Ik heb me ook aangesloten bij een aantal societies. Daar houden we elkaar op de hoogte.
De vergaderingen met de Respiratory Society zijn altijd tof, want daar word je uitgedaagd. Met de Belgian Respiratory Society zijn we bijvoorbeeld bezig om een boek te herschrijven. Ik neem een aantal hoofdstukken op mij, dus daar zal Vitaz nog in vermeld worden. Wat ik ook heel graag doe, is congressen volgen. Binnen enkele maanden mag ik misschien een abstract verdedigen op een congres van de European Respiratory Society. Ik wacht nog op bevestiging. Hopelijk lukt het.”
Wij duimen alvast mee!
Wil jij net als Tina doorgroeien tot verpleegkundig consulent Respiratie en Inhalatie? Dat kan! Bekijk de vacature.
Lees meer:
- Tracheacanuleteam in 6 straffe feiten: “Het was een primeur in Vlaanderen”
- Wat is de nieuwe cel Acute Zorg en Reanimatie? Verpleegkundig consulenten Sarita en Tom vertellen
- Verpleegkundig consulent Mieke specialiseerde zich in katheterzorg
- Verpleegkundig consulent Carine legt zorgpad osteoporose uit in 6 stappen