Deze aanbevelingen volgen het advies van de Hoge Gezondheidsraad
- Evalueer de immuniteitsstatus van uw patiënt tegen ziekten die vermijdbaar zijn door middel van vaccinatie. Idealiter worden vaccins toegediend vóór de patiënt start met chemotherapie/immunotherapie. Als dit niet mogelijk is, wordt er met onderstaand basisprincipe rekening gehouden tussen 2 behandelingskuren:
- Bij patiënten onder chemotherapie/Antibody drug conjugaten (ADC) enkele dagen voor de volgende toediening
- Bij patiënten onder immunotherapie/doelgerichte therapie/hormonale behandeling is er geen specifiek tijdstip voor vaccinatie
- Levende vaccins (gele koorts, bof, mazelen, rubella …) zijn gecontra-indiceerd voor patiënten onder immuun supprimerende therapie door het risico op replicatie van het vaccinvirus. Deze worden dus best minstens 4 weken voor start van immunosuppressieve therapie toegediend ofwel na stoppen van deze medicatie. Enkel geïnactiveerde vaccins worden toegediend bij deze doelgroep.
Vaccins
Onderstaande vaccins worden aanbevolen. Mogen wij u vragen de vaccinatiestatus bij uw oncologische en hematologische patiënten na te vragen en indien nodig in orde te brengen? Op die manier staat alles correct in vaccinet (COZO ) geregistreerd en kan alles perfect opgevolgd worden.
1. Pneumokokken
- Primaire vaccinatie: Prevenar 20® éénmalige toedieningp
- Herhaal vaccinatie met Pneumovax® 23 om de 5 jaar
- Indien reeds gevaccineerd met Prevenar® 13 en Pneumovax® 23: herhaal vaccinatie met Pneumovax® 23 om de 5 jaar
2. Influenza en COVID
- Jaarlijkse vaccinatie
- Ook de personen die samenwonen met de patiënt moeten gevaccineerd worden
3. Difterie-tetanus-kinkhoest
- Boostrix® : 1 toediening om de 10 jaar
4. Herpes Zoster
- Shingrix : 2 toedieningen met 4 tot 8 weken tussen
(5. RSV)
- Abrysvo® (185 euro) of Arexvy® (206 euro): eenmalige toediening maar op heden geen terugbetaling voor dit vaccin