Bij een transthoracale echocardiografie (TTE) wordt het hart in beeld gebracht langsheen de borstkaswand. Om een goede beeldkwaliteit te garanderen, lig je met ontbloot bovenlichaam op je linkerzijde. Hierbij wordt gebruikt gemaakt van ultrasone (onschadelijke) golven. Tijdens het onderzoek wordt een koude gel op je huid aangebracht en bewegen we met een sonde (probe) over je borstkas.
Er worden zowel parasternaal (naast het borstbeen), apicaal (vanaf de hartpunt onder de tepel) als subcostaal (onder de ribben) beelden opgenomen. Dit is om de verschillende hartstructuren te kunnen beoordelen vanuit verschillende posities.
Dit onderzoek wordt uitgevoerd door een cardioloog of hartfalenverpleegkundige onder supervisie van een cardioloog.