Wat is Clostridioides difficile?
Clostridioides difficile is een bacterie die giftige stoffen, zogenaamde toxines kan produceren. Deze toxines veroorzaken een infectie van de darmwand. De bacterie kan anderzijds ook in de darmen van een gezond persoon voorkomen zonder klachten te veroorzaken. Door de inname van o.a. antibiotica kan de natuurlijke weerstand van de darm verzwakken. Daardoor vermenigvuldigt de bacterie snel en maakt ze toxische stoffen aan die de darmwand aantasten. Een darmontsteking door Clostridioides difficile geeft buikkrampen, koorts en een waterige, sterk ruikende diarree. Soms zitten er ook bloed en slijmen in de stoelgang.
Overdracht
Vanaf het begin van de diarree tot het einde ervan kan de bacterie zeer gemakkelijk overgedragen worden. Dit gebeurt door eenvoudige menselijke contacten, maar ook door het gemeenschappelijk gebruik van ruimten en materialen. Om het verspreiden van de bacterie te vermijden, zijn een aantal voorzorgsmaatregelen nodig.
Voorzorgsmaatregelen
Een goede handhygiëne van alle medewerkers is een standaardvoorzorgsmaatregel die altijd en door alle gezondheidswerkers moet worden toegepast om overdracht van kiemen te voorkomen. Deze bacterie produceert sporen die niet te vernietigen zijn met handalcohol. Daarom is het belangrijk om je handen eerst te wassen met voldoende water en zeep, en vervolgens de handen te ontsmetten.
Jouw kamer en toilet worden dagelijks gereinigd en ontsmet. In het ziekenhuis bevinden zich veel mensen dicht bij elkaar. Dat vergroot de kans op overdracht van bacteriën. Bovendien hebben patiënten vaak minder weerstand, waardoor zij gevoeliger zijn voor infecties. Daarom worden er nog bijkomende maatregelen genomen:
- Je wordt verzorgd in een éénpersoonskamer of in een tweepersoonskamer samen met een andere patiënt met Clostridioides difficile.
- De deur blijft maximaal gesloten.
- Er wordt een fiche aan de kamerdeur gehangen zodat alle zorgverleners en bezoekers weten welke maatregelen er genomen moeten worden.
- Alle zorgverleners dragen bij je verzorging of behandeling bijkomend handschoenen en een beschermende schort.
Hoe kun je helpen?
- Blijf op je kamer. Enkel voor een onderzoek of een behandeling mag je de kamer verlaten. Was en ontsmet je handen grondig wanneer je de kamer verlaat.
- Spoel het toilet steeds door met een gesloten deksel en laat bezoekers geen gebruik maken van jouw toilet.
- Pas een goede handhygiëne toe. Dit wil zeggen dat je de handen wast en droogt minstens voor en na de maaltijd en na het gebruik van het toilet.
- Gebruik dagelijks schoon ondergoed, kleding, washandjes en handdoeken. Bij voorkeur draag je enkel kleding die op 60° C gewassen kan worden. Berg gebruikte kleding, handdoeken, washandjes, enz. op in een afgesloten plastic zak, vooraleer het meegegeven wordt aan je bezoekers.
- Je persoonlijke kleding laat je thuis best wassen in de wasmachine op de hoogst mogelijke temperatuur (minstens 60°C). Na manipulatie van vuile kleding wast en ontsmet je de handen. Droog het wasgoed zo goed mogelijk in de droogkast. Voor wasgoed dat enkel op 40°C gewassen mag worden: gebruik voldoende wasproduct en laat een volledig wasprogramma draaien (geen verkort). Gebruik de wasmachine nadien voor een kookwas
Deze periode kan zeer ingrijpend en onaangenaam zijn. Heb je vragen of problemen, aarzel dan niet om de behandelende arts of verpleegkundige hierover aan te spreken.
Bezoek
Bezoek is toegelaten. Normaal sociaal contact is mogelijk. Clostridioides difficile is niet gevaarlijk voor gezonde personen, noch voor zwangere vrouwen. Bezoek van jonge kinderen (< 16 jaar) en/of ernstig zieke en verzwakte personen is niet aangewezen en wordt best vermeden.
- Als je bezoek voor de eerste maal komt, moeten ze zich tot de verpleging wenden vóór het betreden van de kamer om de maatregelen te bespreken.
- Bezoekers moeten geen beschermende kleding dragen, behalve als ze deelnemen aan de verzorging of thuis instaan voor de verzorging van zieken.
- Tijdens het bezoekmoment moeten de bezoekers op de kamer blijven en maken ze geen gebruik van het toilet in de kamer.
- Als bezoekers wasgoed meenemen, wordt dit in een afgesloten zak opgeborgen.
- Bij het verlaten van de kamer wassen de bezoekers hun handen met water en zeep en ontsmetten ze daarna de handen met handalcohol.
- Bezoekers gaan niet meer langs bij andere patiënten.
Wanneer stoppen de bijkomende maatregelen?
Wanneer je gedurende 48 uur geen diarree meer hebt, mogen de bijkomende maatregelen stop gezet worden. Verwittig de verpleegkundige of arts als de diarree opnieuw optreedt. Als je opnieuw diarree krijgt, worden de bijkomende maatregelen opnieuw ingevoerd, zonder op het resultaat van de stoelgangkweek te wachten. Goede handhygiëne blijft steeds belangrijk
Ontslag
Het is mogelijk dat je ontslagen wordt terwijl in het ziekenhuis nog bijkomende maatregelen genomen werden. Deze maatregelen moet je thuis niet verder toepassen. Ze gaan immers enkel de verspreiding naar andere patiënten in het ziekenhuis tegen. Je mag sociaal contact met familie en vrienden blijven onderhouden, maar vermijd rechtstreeks lichaamscontact (kussen, handen geven ...) met ernstig zieke of verzwakte personen.
Voor woonzorgcentra gelden specifieke maatregelen om de verspreiding van Clostridioides difficile onder bewoners tegen te gaan. Deze maatregelen kunnen verschillend zijn van deze in het ziekenhuis, omdat in een woonzorgcentrum minder zieke mensen verblijven. Als je in contact komt met andere zorgverleners (thuisverpleegkundige, kinesist, ...) terwijl je nog diarree hebt, meld dan dat je met Clostridioides difficile besmet bent. Zij hebben ook contact met andere patiënten en kunnen indien nodig maatregelen nemen om verspreiding naar ander patiënten te voorkomen.
Persoonlijke hygiëne blijft belangrijk:
- Douche regelmatig
- Was je handen grondig na elk toiletbezoek, na het snuiten van de neus, vóór het bereiden en nuttigen van de maaltijd en na het sorteren van de vuile was.
- Dek wonden af.
- Poets de woning (en vooral het toilet) regelmatig. Spoel het toilet steeds door met een gesloten deksel.
Heb je nog vragen over Clostridioides difficle? Neem contact op met je arts, de verpleegkundige of iemand van het team ziekenhuishygiëne.