De kwaliteit van zorg in algemene ziekenhuizen en geestelijke gezondheidscentra (PAAZ) wordt via indicatoren gemeten, gerapporteerd en gebenchmarkt. Vitaz werkt hiervoor nauw samen met VIKZ (Vlaams Instituut voor Kwaliteit van Zorg) en VznkuL (Vlaams ZiekenhuisNetwerk KU-Leuven). Zij brengen onze resultaten transparant in kaart met andere ziekenhuizen, waardoor wij gericht kunnen inzetten op interne en Mira-netwerkbrede verbeterprojecten.
Je kan de resultaten die het VIKZ publiceerde over Vitaz inkijken en indien gewenst vergelijken met andere ziekenhuizen of zorginstellingen op www.zorgkwaliteit.be.
Bijkomende informatie over deze metingen vind je hier.
In 2025 neemt Vitaz spontaan deel aan volgende metingen van het VIKZ:
- Ongepland heropnames
- Vermijdbare ziekenhuisinfecties
- Doorligwonden
- Beroertezorg
- Oncologie: monitoring borstkanker & monitoring colonkanker
- Vlaamse patiënten peiling
- PAAZ- Benzodiazepines
- PAAZ - Suïcidepreventie
Een heropname betekent dat een patiënt opnieuw in het ziekenhuis wordt opgenomen nadat hij eerder werd ontslagen. Dit kan gepland of ongepland gebeuren in hetzelfde ziekenhuis of elders.
- Geplande heropname: De patiënt keert terug voor een vervolgbehandeling, zoals een operatie of therapie.
- Ongeplande heropname: De patiënt moet onverwacht opnieuw worden opgenomen vanwege een probleem dat verband houdt met de eerdere opname. Dit kan mogelijks worden veroorzaakt door problemen met de kwaliteit van zorg tijdens de voorgaande opname, zoals onzorgvuldige planning van het ontslag, bijkomende opgetreden problemen of gebrekkige informatie over medicatie of nazorg.
Volgende indicatoren worden gemeten:
- Percentage patiënten via spoed heropgenomen na een ziekenhuisverblijf
- Percentage patiënten via spoed heropgenomen na behandeling in een chirurgisch dagziekenhuis
De gegevens worden met terugwerkende kracht verzameld via de databank Gezondheidszorgen van het IMA. Deze databank bevat info van de ziekenfondsen over de verleende gezondheidszorgen aan patiënten.
Vermijdbare ziekenhuisinfecties
Tijdens een opname in het ziekenhuis is het mogelijk dat een patiënt een bijkomende infectie oploopt die potentieel te vermijden was. Voorbeelden van vermijdbare ziekenhuisinfecties zijn (katheter gerelateerde) bloedstroominfecties, (katheter gerelateerde) urineweginfecties, longontsteking (bij beademde patiënten) en infecties ter hoogte van de operatieplaats. Deze infecties kunnen mogelijks wijzen op een probleem met de kwaliteit van zorg.
De gegevens worden met terugwerkende kracht verzameld via MZG (Minimale Ziekenhuis Gegevens).
Doorligwonden (decubitus) ontstaan meestal op plekken waar het bot dicht onder de huid ligt, zoals heupen, stuit, hielen en ellebogen. Door langdurige druk kan de huid en het onderliggende weefsel worden beschadigd. Risicofactoren zijn onder andere immobiliteit, bedlegerigheid, incontinentie, slechte voedingstoestand, verminderde gevoeligheid en verminderde doorbloeding.
Doorligwonden zijn pijnlijk, moeilijk te behandelen en kunnen de gezondheid en levenskwaliteit ernstig aantasten. Bovendien is de behandeling intensief en duur, waardoor preventie cruciaal is voor veilige en kwaliteitsvolle zorg.
Volgende indicatoren worden gemeten:
- Hoe vaak het ziekenhuis meteen bij de opname het risico op doorligwonden onderzoekt;
- Hoeveel patiënten een doorligwonde krijgt tijdens hun verblijf in het ziekenhuis.
Deze gegevens worden verzameld via registraties in patiëntdossiers.
Daarnaast gebeuren er ook audits om te controleren of wat er staat geregistreerd in het dossier overeenstemt met de realiteit.
De impact van het doormaken van een beroerte is hoog. Afhankelijk van het type heb je 20-40% kans om een beroerte niet te overleven. Er kunnen nadien ook ernstige complicaties optreden zoals spraak- en taalproblemen en verlammingsverschijnselen.
Er zijn twee verschillende vormen van een beroerte:
- Een ischemische beroerte/herseninfarct waarbij er zich een bloedklonter in de hersenen bevindt die de bloedtoevoer verhindert.
- Een hemorragische beroerte/hersenbloeding waarbij er een bloedvat in de hersenen scheurt en daar zorgt voor een bloeding.
De indicator beroertezorg richt zich op de verschillende fases van een beroerte:
- Welke behandeling ontvangt de patiënt in het ziekenhuis net na het optreden van een beroerte?
Zo wordt er bijvoorbeeld gekeken naar hoeveel tijd er zit tussen het betreden van het ziekenhuis en het krijgen van trombolyse om de bloedklonter op te lossen in het geval van een herseninfarct. De norm die hiervoor wordt opgelegd houdt in dat minstens 50% van de patiënten die in aanmerking komen voor trombolyse, deze ook ontvangen binnen de 30 minuten na aankomst. - Waren er complicaties tijdens het verblijf in het ziekenhuis?
Patiënten hebben na een beroerte een verhoogde kans op het ontwikkelen van bijvoorbeeld een slikpneumonie. Daarom wordt er onder andere gekeken of en hoe snel een slikfunctie wordt uitgevoerd bij de patiënt om te weten of hij/zij slikveilig is. - Wat is de kans op overlijden na een beroerte?
Er wordt gekeken naar het percentage patiënten dat binnen 30 en 90 dagen na een opname omwille van een beroerte komt te overlijden. Het percentage zou lager liggen in organisaties met een betere organisatie van de beroertezorg.
De gegevens worden verzameld aan de hand van de patiëntendossiers en via MZG (Minimale Ziekenhuis Gegevens).
Oncologie: monitoring borstkanker & monitoring colonkanker
Zowel borstkanker als colonkanker zijn een vaak voorkomende kanker. Zo is borstkanker de meest voorkomende kanker bij vrouwen in België, en staat darmkanker zowel bij mannen als bij vrouwen op de derde plaats.
Aan de hand van indicatoren wordt er gepeild naar hoe de diagnose van borstkanker/colonkanker wordt gesteld, hoe het wordt behandeld en wat de overlevingskans is 5 jaar na de diagnose.
Deze indicatoren worden opgesteld aan de hand van onder andere de gegevens die werden aangeleverd aan het Belgisch Kankerregister en op basis van MZG (Minimale Ziekenhuis Gegevens).
Klik hier voor meer info over hoe de tevredenheid van de patiënten wordt gemeten via de Vlaamse Patiëntenpeiling.
Angst- en slaapstoornissen komen vaak voor en beïnvloeden het dagelijks functioneren. Niet-medicamenteuze behandelingen verdienen de voorkeur, maar bij onvoldoende effect kan medicatie overwogen worden. Benzodiazepines, met hun kalmerende en slaapverwekkende werking, worden vaak als eerste keuze ingezet. Bij correcte indicatie zijn ze nuttig, maar enkel voor kortdurend gebruik: maximaal twee weken bij slaapstoornissen en zes weken bij angststoornissen.
Ondanks hun veiligheid zijn er risico's zoals sufheid, spierzwakte, geheugenstoornissen, afhankelijkheid en tolerantie.
Er is momenteel weinig zicht op verschillen in gebruik tussen ziekenhuizen. Deze indicator beoogt meer bewustzijn te creëren door gegevens over benzodiazepinegebruik te verzamelen. Via benchmarking binnen Vlaanderen krijgen ziekenhuizen inzicht in hun positie, wat hen kan aanzetten tot verminderd gebruik en alternatieve behandelingen.
Zelfdoding is een belangrijke doodsoorzaak in België, vaak gelinkt aan psychische aandoeningen. Patiënten binnen een psychiatrisch zorgtraject lopen tot tien keer meer risico op suïcide dan de algemene bevolking. Kwaliteitsvolle zorg betekent ook veilige zorg, zeker voor deze risicogroep. Suïcidaal gedrag kan leiden tot ernstige letsels of overlijden en vormt daarnaast een risico voor medepatiënten, familie en hulpverleners.
De indicator suïcidepreventie richt zich op meerdere fases van het zorgtraject en brengt het volgende in kaart:
- Wordt er een inschatting gemaakt op het risico van suïcidaliteit en gebeurt dit tijdig?
- Gebeurt er een herevaluatie van dit risico bij kritische momenten tijdens het zorgtraject?
- Wordt er een Safety Plan opgesteld? En worden naasten hierbij betrokken of hiervan op de hoogte gebracht?
- Wordt het risico verder opgevolgd na het beëindigen van het zorgtraject?
De gegevens voor deze indicator worden verzameld via de patiëntendossiers.
Kylie Van der Hoeven
Manager Q&S
quality-safety@vitaz.be