De gezichten van onze poliklinieken in Sint-Gillis, Hamme en Temse, dat zijn de onthaalverpleegkundigen. Wie in campus Temse binnenwandelt, wordt vriendelijk onthaald door Nathalie Bressinck, Karin Van Broeck en hun collega’s. Intussen kennen zij zowel de patiënten als het personeel, maar hoe goed kennen wij hen? Hoog tijd voor een onderonsje.
10 jaar geleden was Karin een van de eerste onthaalverpleegkundigen in Temse. Al 24 jaar werkte ze bij het toenmalige AZ Nikolaas. “In die periode werkte ik als verpleegkundige op de afdeling Nefro-Endocrinologie. Na mijn schouderoperaties hoorde ik van de arts van het RIZIV dat het niet meer verantwoord was om nog te werken. Ik had last van pees- en botproblemen. Desondanks wou ik toch aan de slag blijven, dus zocht ik hulp. Ik contacteerde de toenmalige verpleegkundig en paramedisch directeur. Zij liet me weten dat ze nog verpleegkundigen zochten voor het onthaal en labo. Ze dacht dat ik het wel graag zou doen. Daarmee ben ik naar mijn internist gestapt, die me gelukkig de toelating gaf en dat op papier zette. Twee weken later ben ik gestart.”
Rustigere afdeling
Nathalie is een van de recentere aanwinsten van het team. Zij werkte 12 jaar op de dialyse-afdeling in Sint-Niklaas toen ze 3 jaar geleden besloot om de stap te zetten. “Bij mij is het begonnen nadat ik mijn zoontje van zes maanden verloor. Daar heb ik het mentaal moeilijk mee gehad. Ik ben blijven werken, maar voelde hoe langer hoe meer dat ik de drukte en de verantwoordelijkheid van de dialyse-afdeling niet meer aankon. Daarom ben ik beginnen uitkijken naar een rustigere dienst. Maar ik bleef twijfelen. Ik voelde me nog te jong om het wat rustiger aan te doen. Dialyse is ook een hele technische dienst, wat mij goed lag. Dat wou ik niet zomaar opgeven.”
"Ik zeg soms al lachend dat ik
de conciërge van het huis ben." - Nathalie
Helaas kreeg Nathalie steeds meer last van rugproblemen. “Uiteindelijk had ik een rugoperatie nodig. Nadien adviseerde de chirurg me om zo weinig mogelijk te heffen en tillen. Anders liep ik het risico om binnen drie à vier jaar terug onder het mes te moeten. Daarom heb ik toch gekozen voor een job als onthaalverpleegkundige. Zeker de eerste maanden was het wennen. Ik heb mentaal de klik moeten maken. Maar ik heb het mij nog niet beklaagd. Het bevalt me enorm. Ik mis het dialyseren soms wel nog een beetje, maar mijn gezondheid en mijn gezin zijn belangrijker.”
Van bloedprikken tot conciërge
Wat doen jullie als onthaalverpleegkundige?
Karin: “Wij combineren het onthaal van het ziekenhuis met labotaken zoals bloedprikken. Dat is onze hoofdtaak. De inschrijvingen verlopen via de kiosken, maar soms hebben bijvoorbeeld ouderen of anderstaligen daar hulp bij nodig. Dan steken wij een handje toe. Eigenlijk zijn wij het aanspreekpunt van het ziekenhuis, ook naar de dokters toe.”
Nathalie: “Ik zeg soms al lachend dat ik hier de conciërge van het huis ben.” (lacht)
Karin: “Dat is ook zo. Wij zijn degenen die het ziekenhuis om kwart voor acht openen en ’s avonds afsluiten om zes uur. Als er iets kapot is, wordt dat meestal bij ons gemeld aan de balie. Artsen die hun lijsten nodig hebben, vragen dat ook aan ons. En ’s middags gaan we de soep halen zodat alle collega’s een tas soep kunnen drinken.”
Dorpje op zichzelf
Het is precies wel gezellig hier in Temse?
Karin: “De sfeer geeft mij echt energie. Daardoor werk ik hier zo graag.”
Nathalie: “Dat vind ik ook, ja.”
Karin: “Het is hier een eerder familiaal ziekenhuis. Iedereen staat dicht bij elkaar, zowel de dokters en verpleegkundigen als de onderhoudsploeg. Iedereen kent iedereen. Dat we alle dokters door en door kennen, vind ik wel een voordeel. We kennen hun manier van werken. Ik weet bijvoorbeeld wat qua planning wel of niet kan. Als ik in andere campussen werk, weet ik dat niet. De onderlinge samenwerking is hier ook heel goed. We zijn goed op elkaar ingespeeld en helpen elkaar.”
"We kennen elkaar door en door. Eigenlijk zijn wij al meer vriendinnen." - Karin
Jullie zijn heel visibel en hebben veel patiëntencontact. Hoe valt dat mee?
Karin: “Aan het onthaal helpen we veel mensen op een dag. Als het niet te druk is, kunnen we de tijd nemen om te babbelen en allerlei extraatjes voor hen doen. Daar krijgen we veel dankbaarheid voor terug. Van onze vaste patiënten krijgen we regelmatig complimentjes. Ik heb al gehoord dat ze vinden dat we schatjes zijn. En dat we allemaal goede prikkers zijn in Temse. Leuk hé.”
Nathalie: “Ik begin de patiënten al te kennen. Bij het bloedprikken zijn het regelmatig vaste patiënten die om de zoveel maanden moeten terugkomen. Op den duur kennen ze onze naam. Eigenlijk is het hier een dorpje op zichzelf.”
Roos en gebakjes
Waarschijnlijk maken jullie ook memorabele dingen mee?
Nathalie: “We zien hier van alles. Soms komen mensen binnen en denken ze dat ze bij de Spoed zijn. We hebben al iemand gehad die na een valpartij armpijn had. We zagen dat er op dat moment een orthopedist aanwezig was. We hebben hem gevraagd of hij de patiënt even kon zien. Er is ook al een wegenwerker binnengekomen die het topje van zijn vinger was verloren. Hij moest wel meteen naar de Spoed. We krijgen regelmatig vragen waar we ook niet direct het antwoord op weten. Dat zoeken maakt het boeiend. Zo blijven we bijleren.”
Karin: “Ik herinner mij een dame die jarenlang met haar man bij de cardioloog op consultatie kwam. Op een gegeven moment was hij onwel. Hij zat in de auto terwijl zij tegen ons kwam zeggen dat hij de dokter dringend moest zien. Ik vond dat zo erg, dus ging ik bij de arts horen of hij vijf minuten kon gaan kijken. Toen ik haar ging zeggen dat het lukte, was ze zo gelukkig. De dokter zei dat hij naar Spoed moest. Een dag later stond ze hier opnieuw met een roos en twee gebakjes. Bleek dat haar man was overleden. Ze was ons enorm dankbaar omdat we toch hadden geregeld dat ze de dokter even konden zien. Anders had zij zijn lichaam gevonden. Dat ontroerde me wel. Het is me altijd bijgebleven.”
Hecht team
Hoe ziet jullie team eruit? Is het net zo gezellig als de campus?
Karin: “We zijn hier in Temse nu met vier onthaalverpleegkundigen. Wij zijn allemaal mensen met een rugzakje. We kennen ook elkaars rugzakjes een beetje. We hebben veel respect voor elkaar en zijn ook flexibel naar elkaar toe. Als iets niet is gelukt dan zullen we elkaar dat niet kwalijk nemen.”
Nathalie: “We zien het ook aan elkaar als we een mindere dag hebben. Dan vragen we wat er scheelt en luisteren we naar elkaar. Wij zijn heel open.”
Karin: “We vinden het belangrijk om dat niet te negeren, want anders blijft er misschien iemand de hele dag zitten met een slecht gevoel. Na al die jaren hebben we wel een hechte band. We kennen elkaar door en door. Eigenlijk zijn wij al meer vriendinnen.”
Jullie hebben heel wat pluspunten genoemd: de topsfeer, het fijne team, het patiëntencontact, ... Wat hoort nog in dat rijtje thuis?
Karin: “We waarderen het wel dat we van onze hoofdverpleegkundige Guy Vanhemel de nodige vrijheid krijgen om initiatief te nemen. Wij mogen het hier organiseren zoals we willen. Er is veel wederzijds vertrouwen… omdat het goed loopt natuurlijk. Dat maakt het aangenaam werken. Daarnaast werken we enkel tijdens de openingsuren van het ziekenhuis, waardoor we ’s avonds op tijd thuis zijn. We hebben ook onze weekends en feestdagen vrij. Dat is zeker mooi meegenomen.”
Gerelateerde artikels:
- 5 vragen aan pastoraal werker Ludwig en moreel consulent Leen
- Verpleegkundigen Selvette en Genezarette springen in het hele ziekenhuis bij waar nodig
- Zorgkundige Eline werkt bij Psychogeriatrie: "Al echtpaar herenigd"